Spring naar inhoud

Toezicht en medezeggenschap

4.1Bericht van de Raad van Toezicht

2025 was voor Firda een jaar waarin groei zichtbaar werd in vele vormen. Groei in de ontwikkeling van onze studenten en collega’s, groei in de kwaliteit van ons onderwijs en groei in de veerkracht waarmee de organisatie inspeelde op een veranderende omgeving. Als Raad van Toezicht hebben we deze beweging van dichtbij gevolgd en gezien hoe ambities zijn vertaald naar tastbare resultaten. Groei vraagt om lef, om leren durven, om ruimte voor reflectie én om het vermogen om te blijven verbinden. Juist deze elementen zagen wij dit jaar sterk terug in de rapportages die we periodiek van het College van Bestuur ontvangen en in de manier waarop het College van Bestuur en alle medewerkers zich inzetten voor toekomstbestendig onderwijs.Deze gezamenlijke inspanning maakt dat we met trots terugkijken: de fundamenten staan stevig en de organisatie blijft zich ontwikkelen vanuit een heldere koers en diepgewortelde maatschappelijke opdracht.

Taken en bevoegdheden

Als Raad van Toezicht houden we integraal en onafhankelijk toezicht op de instelling, in het bijzonder op het College van Bestuur. De raad richt zich daarbij naar de maatschappelijke doelstellingen van de stichting en behartigt op deze wijze het belang van de stichting en de relevante belanghebbenden zoals studenten, ouders/verzorgers en bedrijven en instellingen. Daarbij wordt rekening gehouden met het instellingsbelang en het publieke belang. Samen met het College van Bestuur worden de belangen afgewogen om positie te bepalen en keuzes te maken, mede gericht op het realiseren van de publieke taak. De Raad van Toezicht ziet erop toe dat het College van Bestuur zijn verantwoordelijkheid voor de dialoog met externe belanghebbenden vervult. Daarnaast zijn we de werkgever van het bestuur en vervullen we een rol als klankbord en adviseur. Concreet betekent dit dat we niet alleen achteraf goedkeuren, maar ook vooraf met het bestuur sparren. Als raad hebben we de taken onderverdeeld in drie commissies, die onderwerpen voorbereiden voor de behandeling in de voltallige raad: de Auditcommissie, de Commissie Onderwijs, Kwaliteit en Identiteit en de Remuneratie- en Benoemingscommissie.

Vergaderingen en evaluatie

In het verslagjaar kwamen we vijf keer bijeen in een reguliere vergadering met het College van Bestuur. Daarnaast werden drie extra online vergaderingen gehouden naar aanleiding van het ingediende ontslag door een CvB-lid en de benoeming van een nieuw CvB-lid, waarvan twee in aanwezigheid van het College van Bestuur. Middels drie strategische rapportages per jaar, waarmee het bestuur aan de raad verantwoording aflegt, houden we toezicht op de doelen, gebaseerd op de strategische koers van de organisatie, evenals op de doelmatige verwerving en besteding van de middelen.

In de reguliere vergaderingen kwamen o.a. de volgende zaken aan de orde:

  • Benoeming Rolf Akker per 1 april 2025 voor een termijn van vier jaar als lid Raad van Toezicht.
  • Herbenoeming Inge Ezinga per 25 mei 2025 voor een tweede termijn van vier jaar als lid van de Raad van Toezicht.
  • Het verlenen van eervol ontslag per 1 juli 2025 aan Carlo Segers als lid College van Bestuur.
  • Vaststelling omvang College van Bestuur, zijnde een college met een voorzitter en twee leden.
  • Vaststelling procedure werving en selectie en profielschets lid College van Bestuur.
  • Benoeming Thea Koster als lid College van Bestuur per 1 januari 2026.
  • Vaststelling herziene bezoldiging en arbeidsvoorwaarden College van Bestuur.
  • Goedkeuring geïntegreerd Jaardocument 2024, inclusief de geconsolideerde jaarrekening 2024.
  • Bespreken accountantsverslag 2024 en kaderbrief 2026.
  • Goedkeuring jaarplan en begroting 2026, inclusief de meerjarenbegroting 2027-2028.
  • Goedkeuring om het proces voor het aantrekken van een krediet in gang te zetten.
  • Goedkeuring om het binnen het leenplafond een krediet van maximaal € 20 miljoen voor de financiering van gebouw D in Drachten aan te trekken.
  • Goedkeuring budget voor de huisvesting (en inventaris) van de opleiding laboratoriumtechniek.
  • Goedkeuring budget nieuwbouw gebouw D in Drachten, alsmede de daarvoor benodigde grondruil met de gemeente Smallingerland.
  • Goedkeuring verkoop van een gedeelte van het perceel aan de Eeltjebaasweg 4 in Sneek, bestaande uit steigers en kademuren.
  • Goedkeuring voor het vestigen van een recht van opstal van Liander N.V. bij locatie Anne Wadmanwei 6 in Leeuwarden.
  • Goedkeuring voor het vestigen van erfdienstbaarheid locatie Eeltjebaasweg 4 te Sneek.
  • Goedkeuring aanbesteding LAN.
  • Bespreking huisvesting in Heerenveen;

Daarnaast werd in november 2025 een evaluatievergadering gehouden. In aanwezigheid van het College van Bestuur hebben we ons eigen functioneren besproken aan de hand van de vijf kernthema’s uit het reglement RvT die vooraf door ieder lid van de raad en het bestuur individueel waren gescoord. We hebben geconcludeerd de Raad van Toezicht en het College van Bestuur tevreden zijn over het onderlinge samenspel. Gebleken is dat - ook als het schuurt - het goede gesprek wordt gevoerd en we er met elkaar uitkomen. Tegelijkertijd is ook geconcludeerd dat dat goede gesprek met nog meer diepgang (wat vinden we echt) gevoerd kan worden. Afgesproken is om dergelijke signaleringen voortaan tijdens de vergadering of eventueel in de eigen nabespreking te benoemen. Verwacht wordt dat met de komst van een nieuw CvB-lid er niet alleen een nieuwe dynamiek in het College van Bestuur, maar ook tussen raad en bestuur ontstaat. Tijdens de evaluatievergadering is ook de bezoldigingsklasse en de bezoldiging van de Raad van Toezicht en het College van Bestuur voor 2026 vastgesteld en is input opgehaald ten behoeve van de te voeren evaluatiegesprekken met de leden van het College van Bestuur individueel en het gesprek met het College van Bestuur als team. Op basis van die input en een zelfreflectie van de leden van het College van Bestuur is met de leden van het College van Bestuur afzonderlijk en het College van Bestuur als team het jaarlijks evaluatiegesprek gevoerd. Geconstateerd is onder andere dat het College van Bestuur als team goed functioneert en complementair aan elkaar is. Tevens is met elkaar gesproken over een collegiaal bestuur en wat dat betekent.

Studiedagen

In dit verslagjaar hebben we twee studiedagen georganiseerd. De studiedag in mei begon met een geslaagd bezoek aan Batenburg Beenen in Heerenveen waar we kennis hebben gemaakt met dit bedrijf, de ontwikkelingen in de installatiebranche, de mogelijkheden die men biedt aan stagiaires van Firda, alsmede de competenties die van toekomstige werknemer worden gevraagd. In het tweede deel van deze studiedag zijn we met practor Betekenisvol Vakmanschap in gesprek gegaan over de inhoud en het doel van het practoraat. Hij heeft ons meegenomen in het Agora-model, waarin de menselijke maat, persoonlijke groei en de verbinding met de maatschappij centraal staan.

De studiedag in het najaar stond zoals gebruikelijk in het teken van “een kijkje in de keuken van…..”. We hebben deze keer kennis gemaakt met een aantal mbo-college directeuren in de rol van domeinregisseur. Ten gevolge van de gekozen organisatiestructuur met zes mbo-colleges is het noodzakelijk om regie op de domeinen te voeren. Die rol is belegd bij de mbo-college directeuren. De directeuren namen ons mee in de uitdaging om van Dokkum tot Urk op een aantal onderwerpen regie in het domein te voeren, alsmede in de uitdagingen, maar tegelijkertijd ook de mogelijkheden en kansen die het realiseren van wendbaar en responsief onderwijs met zich meebrengt. In het middagdeel stond de AI-visie van Firda centraal, die zich richt op het benutten van AI-kansen, het professionaliseren van medewerkers en het ontwikkelen van ‘slimme’ vaardigheden. We hebben onder andere van gedachten gewisseld over de risico’s met betrekking tot privacy en beveiliging en de ethische aspecten met betrekking tot AI. Tot slot was er tijdens deze studiedag ruimte voor de teamvorming en de nadere onderlinge kennismaking. We kijken terug op twee geslaagde studiedagen.

Informatievoorziening en contacten met de organisatie, de medezeggenschapsorganen en de onderwijsinspectie

Een goede informatievoorziening is voor ons van wezenlijk belang. We streven naar een optimale balans tussen betrokkenheid en afstand. Regulier ontvangen we als schriftelijke informatie: besluitenlijsten van het College van Bestuur, verslagen van de overleggen van de Ondernemingsraad de Studentenraad en het overleg met de vakbonden, rapportages van tevredenheidsonderzoeken, benchmarks, inspectierapporten, VSV-cijfers en een knipselkrant met actuele artikelen uit vakbladen en kranten.

Ook voeren we tweemaal per jaar overleg met delegaties van de Ondernemingsraad en de Studentenraad. In deze gesprekken met de medezeggenschapsorganen stonden de thema’s WRO en AI centraal. Ten aanzien van WRO is geconcludeerd dat WRO niet betekent dat het onderwijs 100% gepersonaliseerd is. Er worden meerdere routes aangeboden, waarin de student eigen keuzes kan maken, kijkend naar wat de student en organisatie aan kan. Besproken is dat in de huidige fase bewustwording en het harmoniseren van taal nog onderwerp van gesprek is. Ten aanzien van de visie op AI werd geconcludeerd dat de meningen intern nog verschillen als het gaat om de vraag in hoeverre AI de rol van de docent deels kan vervangen en op welke wijze studenten het mogen toepassen, alsmede wat AI betekent voor examinering. Geconcludeerd werd dat met het oog op uniformiteit in beoordeling vraagt om een nadere uitwerking van de visie in duidelijke kaders. Ook is gesproken over de privacy en ethiek. Daarnaast is van gedachten gewisseld over de benodigde competenties en het vervallen, dan wel wijzigen van bepaalde beroepen ten gevolge van AI. Mooie gesprekken waarin we zien hoe wordt ingespeeld op de behoefte van flexibilisering van het onderwijs en hoe in de praktijk wordt omgegaan met een veranderende omgeving.

Daarnaast hebben we twee werkbezoeken gebracht aan mbo-colleges. In het voorjaar waren we te gast bij het mbo-college Sneek op de nieuw geopende locatie van de maritieme opleidingen. Tijdens dit werkbezoek stonden de verkorte routes voor havisten, internationalisering en NT2 centraal en gingen we daarover in gesprek met docenten en studenten. We hebben daarbij mooie voorbeelden van WRO gezien. Studenten gaven daarbij aan dat ze zich gezien en gehoord voelen en dat dat een basis is voor succes.

In het najaar bezochten we de locatie Wilaarderburen van het mbo-college Leeuwarden Noord/Dokkum, alwaar de nieuwbouw van de opleiding laboratoriumtechniek in afronding was. Mooi om te zien wat de budgetten die we voor de realisatie daarvan goedgekeurd hebben, in de praktijk betekenen. Na een inleiding van twee bevlogen directeuren over alle ontwikkelingen en dagelijkse uitdagingen gingen we onder leiding van een gespreksleider met studenten en docenten van de opleidingen Laboratoriumtechniek en Kinderopvang & Onderwijs in gesprek. Vooral de openheid in de gesprekken was opvallend. Niet alleen maar ‘mooie verhalen’, maar studenten die puur hun meningen verwoorden en docenten die transparant aangeven wat de hedendaagse uitdagingen in het mbo zijn.

Al met al waardevolle input voor ons als Raad van Toezicht. In dergelijke bezoeken kunnen we toetsen of ons beeld vanuit de schriftelijke stukken overeenkomt met de alledaagse praktijk en kunnen we de input uit alle gesprekken weer meenemen bij afwegingen in onze toekomstige besluitvorming.

Samenstelling en bezoldiging

De Raad van Toezicht kent zeven leden. In het verslagjaar is ten gevolge van het bereiken van de maximale benoemingstermijn per 24 maart afscheid genomen van Ger Jaarsma. Rolf Akker is per 1 april benoemd als nieuw lid van de Raad van Toezicht. Een compleet overzicht van de samenstelling van de RvT, de relevante nevenfuncties en de benoemingstermijnen is opgenomen in bijlage 3.

De bezoldiging van de voorzitter en leden van de Raad van Toezicht is vastgesteld op respectievelijk 11,25% en 7,5% van het bezoldigingsmaximum van klasse G. Dit is ruim lager dan de toegestane maxima van op grond van de Wet Normering Topinkomens (resp. 15% en 10%). De ondersteuning van de RvT werd verzorgd door de beide bestuurssecretarissen.

Toetsing aan de branchecode

De taken en werkwijze voor de RvT zijn vastgelegd in de statuten en het reglement voor de RvT. Het bestuursreglement is een aanvulling op wettelijke en statutaire bepalingen en opgesteld conform de statuten en artikel 3.1.3. van de WEB. Deze reglementen zijn in overeenstemming met de branchecode en staan op de website van Firda. Firda is in 2025 niet afgeweken van de branchecode Goed Bestuur in het mbo.

Tot slot

We kijken terug op een jaar waarin Firda zichtbaar is gegroeid tot een krachtige mbo‑instelling voor Friesland en Noordelijk Flevoland. Dat is een resultaat om trots op te zijn. Onze toegenomen slagkracht, de hechte samenwerking met stakeholders en het voortdurend ontwikkelen van kwalitatief hoogwaardig, flexibel en betekenisvol vakonderwijs laten zien dat groei nooit vanzelf gaat, maar voortkomt uit gezamenlijke inspanning. Wie blijft leren, blijft zich ontwikkelen en blijft groeien. Dat geldt ook voor ons als Raad van Toezicht.

Het College van Bestuur heeft in 2025, samen met directie, medewerkers en externe partners, met volle overtuiging gewerkt aan de verdere ontwikkeling van onze organisatie. Met trots sluiten we dit jaar af en kijken we vooruit. Ook volgend jaar blijven we samen bouwen aan de kwaliteit van ons onderwijs. Want kwaliteit vraagt voortdurende aandacht: het is geen rustig bezit, maar een ambitie om verder te blijven groeien.

Als u wilt reageren, dan is uw reactie van harte welkom op: raadvantoezicht@firda.nl

Namens de Raad van Toezicht,

Wim Kleinhuis, voorzitter


4.2Jaarverslag Ondernemingsraad

Het jaar 2024 stond voor veel OR-leden in het teken van kennismaken met het OR-werk. De nieuwe ondernemingsraad, kort na de fusie geïnstalleerd, bevond zich in een organisatie die volop in beweging was.Ondanks deze dynamiek wist de OR met grote inzet en betrokkenheid een stevige basis te leggen voor de medezeggenschap binnen Firda.

In 2025 kon de OR voortbouwen op deze fundamenten. Het jaar kenmerkte zich door verdere professionalisering en doorontwikkeling. Hoewel er na de fusie nog altijd nieuw beleid werd ontwikkeld, nam de hoeveelheid daarvan merkbaar af, waardoor er meer ruimte ontstond om onderwerpen verdiepend te behandelen. Hierbij kan gedacht worden aan de beleidsvisie AI van Firda, de strategische rapportage en onderwijskwaliteit.

De OR heeft in 2025 nadrukkelijk ingezet op het versterken van de dialoog met het College van Bestuur. Door meer thematisch te werken en door eigen ambities op te stellen kon de OR bijdragen aan een scherpere gezamenlijke focus op beleid en ontwikkelingen binnen Firda. Deze thematische aanpak zorgde niet alleen voor verdieping, maar ook voor een constructieve samenwerking met het CvB.

Met deze ontwikkeling kijkt de OR terug op een jaar waarin groei, verdieping en verdere professionalisering centraal stonden. Dankzij het vertrouwen van collega’s en het open overleg met het CvB kon de OR bijdragen aan een goed geborgde medezeggenschap binnen Firda.

Ambitiebrief

In 2025 heeft de OR de eerste ambitiebrief opgesteld. Voortaan zal de OR ieder jaar een dergelijke ambitiebrief opstellen. Vanuit de achterban is, middels een enquête, informatie opgehaald. Deze vormt de input voor het komende jaar en schetst de visie, doelen en werkwijze van de Ondernemingsraad.

Met de ambitiebrief wil de OR:

  • helder communiceren over de prioriteiten en speerpunten van de raad;
  • zichtbaarheid creëren en betrokkenheid bevorderen bij medewerkers en het CvB;
  • de basis leggen voor een constructieve samenwerking tussen de OR, de directies, en andere betrokken partijen binnen Firda.
  • niet alleen richting geven aan de eigen speerpunten en werkwijze, maar ook bijdragen aan het opstellen van de kaderbrief.

Werkwijze

De OR werkt volgens onderstaande vaste vergadercyclus. De besluitvorming en de vastlegging vindt plaats via de verslaglegging van de vergaderingen.

Week 1: agenda-overleg
Week 2: commissievergaderingen en technisch overleg OR
Week 3: OR-vergadering
Week 4: vergaderingen onderdeelcommissies
Week 5: overlegvergadering CvB (OVOR)

De OR kent per mbo-college een onderdeelcommissie en een onderdeelcommissie centrale diensten. De OR heeft daarnaast drie vaste commissies: financiën, onderwijs en medewerkers. Deze commissies bereiden de behandeling van de onderwerpen voor. De OR kan zich daarnaast in de voorbereiding desgewenst laten bijstaan door een extern adviseur.

Overleg

Naast de overlegvergaderingen met het CvB voert de OR overleg met andere partijen. Twee keer per studiejaar vindt een overleg plaats tussen een afvaardiging van de OR en een afvaardiging van de Raad van Toezicht. Daarnaast overlegt de OR twee keer per studiejaar met een afvaardiging van de Studentenraad. De overleggen worden deels gevoerd aan de hand van een thema. Voorbeelden van besproken thema’s zijn: WRO en flexibilisering van het onderwijs, de inzet en rol van AI binnen het onderwijs en examinering, studentbeleving en succesfactoren, internationalisering en NT2, onderwijsfaciliteiten en nieuwbouw, en ethiek en privacy rond technologische toepassingen.
De OR voert eveneens twee keer per studiejaar overleg met de vakbonden, ter voorbereiding op het overleg tussen vakbonden en CvB. De OR is als toehoorder bij dit overleg aanwezig.
Met het CvB wordt twee keer per studiejaar het Artikel 24-overleg gevoerd. Tijdens dit overleg, dat onderdeel uitmaakt van de agenda van de overlegvergadering, kijken het CvB en de OR vooruit naar de te behandelen onderwerpen in het daaropvolgende half jaar.

Scholing

Een aantal OR-leden heeft deelgenomen aan de tweedaagse van het Platform Medezeggenschap in het mbo waar meerdere workshops konden worden gevolgd. Daarnaast heeft een aantal leden gedurende het jaar scholingen gevolgd van het platform Medezeggenschap en is de jaarlijkse ALV bijgewoond. Op 15 januari 2025 werd wederom de jaarlijkse studiedag georganiseerd, dit keer bij Kwartier Noord in Katlijk. De dag stond voornamelijk in het teken van de uitkomsten van de door de OR gehouden enquête en de vertaling daarvan naar de eerste ambitiebrief. 

Communicatie

De OR communiceert via Mijn Firda - Weten en Regelen. Hier is alle informatie over de OR te vinden, zoals bevoegdheden, samenstelling en kandidaatstelling. Daarnaast vindt men hier de agenda’s en de vastgestelde verslagen van de vergaderingen van de OR, OVOR en onderdeelcommissies.
Een aantal keer per studiejaar wordt in de reguliere nieuwsbrief van Firda een update gegeven over het werk van de OR. Ook door de onderdeelcommissies wordt informatie gedeeld via de nieuwsbrief van het mbo-college. Daarnaast worden door sommige onderdeelcommissies achterban-bijeenkomsten georganiseerd om input op te halen uit de organisatie.

Behandelde onderwerpen

Het CvB legde onderstaande onderwerpen ter instemming of advisering voor aan de OR.  

  • Hoofdlijnen begroting 2026 (ingestemd, na instemming met meerjarenformatieplan)
  • Meerjarenformatieplan (ingestemd na wijziging)
  • Benoemingseisen onderwijsgevend personeel (ingestemd)
  • Integraal schoolveiligheidsplan (ingestemd)
  • Arbobeleid (ingestemd)
  • Regeling compensatie verlof 2025 (ingestemd, behoudens de regeling bij zwangerschapsverlof)
  • Evaluatie (secundaire) arbeidsvoorwaarden (ingestemd)
  • Reglement cameratoezicht (ingestemd)
  • Reglement werkoverleg (ingestemd)
  • Aanvullende regeling (buitenlandse dienstreizen (ingestemd)
  • Taak- en werkverdelingsbeleid (ingestemd)
  • Handboek examinering en examenreglement (ingestemd)
  • Handboek kennismaking en toelating (ingestemd)
  • Handboek examinering vavo 2025-2026 (ingestemd)
  • Studiegidsen OER (ingestemd)
  • Vakantieperiode vavo in lijn brengen met de uitslag van examens in het tweede tijdvak (ingestemd)
  • PTA’s vavo (algemeen en vak) 2025-2026 (ingestemd)
  • Kaderbrief 2026 (meerjaren financieel beleid, positief geadviseerd)
  • Opleidingsaanbod 25-26 en 26-27 voornemen starten/stoppen opleidingen (positief geadviseerd)
  • Opleidingsportefeuille 2026-2027 (positief geadviseerd)
  • Strategisch personeelsplan (positief geadviseerd)
  • Meerjaren financieel beleid (positief geadviseerd, na instemming meerjarenformatieplan)
  • Aanvraag leenplafond voor financiering nieuwbouw gebouw D Drachten (positief geadviseerd)
  • Profiel nieuw lid CvB (positief geadviseerd)
  • Benoeming lid CvB Thea Koster (positief geadviseerd)

Naast de reguliere advies- en instemmingsverzoeken bespreekt de OR jaarlijks ook de rapportage van de klokkenluidersregeling en het Geïntegreerd Jaardocument, inclusief de jaarrekening en de analyse van lonen en beloningsverschillen. Het overzicht van behandelde onderwerpen laat zien dat de OR bij alle voorstellen (uiteindelijk) positief heeft geadviseerd of ingestemd. Daarbij ging het niet altijd om een eenvoudige akkoordverklaring: sommige voorstellen zijn pas na intensieve discussie, onder voorwaarden, of na aanpassingen door het CvB goedgekeurd. Dit onderstreept de kritische en constructieve rol die de OR vervult. Naast de formele advies- en instemmingsroutes ontvangt de OR stukken ter informatie of bespreking. Drie keer per jaar wordt de strategische rapportage gedeeld. In 2025 kwamen bovendien meerdere fusiegerelateerde thema’s op de agenda, zoals de verhuizing van het Expertisecentrum Studenten Services en team financiële administratie, en de uitwerking van de evaluatie van de organisatiestructuur. Hoewel deze onderwerpen formeel ter informatie werden voorgelegd, leidden ze tot een stevige en waardevolle discussie. Ook de correctie van het seniorenverlof was een belangrijk en principieel onderwerp voor de OR. Tot slot ging de OR dit jaar tweemaal in gesprek met de Raad van Toezicht over twee toekomstgerichte thema’s: Wendbaar en Responsief Onderwijs en Artificial Intelligence. Deze gesprekken boden ruimte voor reflectie en strategische verdieping en benadrukten het belang van een goed samenspel tussen OR, CvB en RvT in een organisatie die continu in beweging is.

Samenstelling OR

In 2025 hebben twee leden hun werkzaamheden voor de OR beëindigd. De hierdoor ontstane vacatures zijn weer ingevuld en de OR koos een nieuwe plaatsvervangend voorzitter/secretaris. Voor de samenstelling van de OR van Firda wordt verwezen naar bijlage 4. De Ondernemingsraad kijkt terug op een jaar waarin verdere groei en professionalisering centraal stonden. Waar in eerdere jaren vooral de basis werd gelegd, heeft de OR dit jaar zichtbaar stappen gezet in het versterken van zijn rol binnen Firda. Door bewuste keuzes te maken in de eigen koers en ambities en door te investeren in inhoudelijke verdieping, heeft de OR de samenwerking met het CvB opnieuw weten te versterken. De OR dankt het College van Bestuur voor de constructieve samenwerking in 2025.

Thomas Oosterkamp (voorzitter) en Bettie Rinsma (plaatsvervangend voorzitter/secretaris)


4.3Jaarverslag Studentenraad

De Studentenraad (SR) vertegenwoordigt alle studenten van Firda en is samengesteld uit vertegenwoordigers van de deelraden van alle mbo-colleges. De Studentenraad beslist mee en adviseert over allerlei zaken zoals de kwaliteit van het onderwijs, de begeleiding van studenten, nieuwe ontwikkelingen binnen Firda en faciliteiten in de scholen. De Studentenraad en de deelraden worden begeleid door een onafhankelijk begeleider.

Het afgelopen jaar vergaderde de Studentenraad vijf keer met het College van Bestuur. Tijdens deze vergaderingen werd er onder meer gesproken over het welzijn van studenten, zorg in de school, inclusiviteit, veiligheid, interlevensbeschouwelijk onderwijs en het Firda Beraad.

Beleidsstukken en onderwerpen waar de Studentenraad mee in heeft gestemd of waarover positief is geadviseerd:

  • het studentenstatuut
  • het reglement cameratoezicht
  • de praktijkovereenkomst
  • de uitkomst van het Firda Beraad
  • het integraal sociaal veiligheidsplan
  • de opleidingsportefeuille
  • het handboek Examinering en het Examenreglement
  • de studiegids
  • het handboek Kennismaking en Toelating

Dit is een greep uit de beleidstukken die aan de Studentenraad zijn voorgelegd en die daar waar nodig ook met de deelraad op elk mbo-college zijn besproken.

Overige overleggen

Naast de overleggen met het CvB heeft de Studentenraad ook twee keer overleg gevoerd met de Ondernemingsraad en twee keer met de Raad van Toezicht.

Tijdens de overleggen met de Raad van Toezicht is onder meer stilgestaan bij:

  • de schuif- en verhuisoperaties
  • de brede participatie van studenten
  • de kwaliteit van de lessen en het onderwijs
  • de veiligheid binnen en buiten Firda
  • het verbeteren van de communicatie
  • de uitkomst van het Firda Beraad
  • AI

Op 3 september 2025 is in een gezamenlijke vergadering met delegaties van de Ondernemingsraad, de Studentenraad en het College van Bestuur, de Kaderbrief 2026 besproken en op basis daarvan is ingestemd met de hoofdlijnen van de begroting 2026. Voorafgaand aan deze gezamenlijke vergadering heeft de Studentenraad van de directeur Financiën, Control en Facilitaire Zaken uitleg ontvangen over het begrotingsproces en de begrotingssystematiek.

Verder stonden er afgelopen jaar diverse trainingen op het programma waaronder een training door de Debat-unie, met de mogelijkheid om deel te nemen aan de Nederlandse kampioenschappen. 


4.4Instellingsjaarverslag examinering

Dit instellingsjaarverslag examinering is een samenvoeging en samenvatting van de jaarverslagen van de zes examencommissies van de mbo-colleges van Firda, inclusief vavo. Aan de hand van een aantal kwaliteitsaspecten wordt ingegaan op het functioneren van de examencommissies en de borging van de examinering. Ook is het beleid ten aanzien van EVC uitgelicht. Op basis van deze bevindingen zijn conclusies en aandachtspunten voor het komende jaar beschreven. Tot slot is er een overzicht van de kwantitatieve gegevens over examinering en diplomering.  

Functioneren van de examencommissies

Het onafhankelijk en deskundig functioneren van de examencommissie is voldoende gewaarborgd door het College van Bestuur. De examencommissie stelt op objectieve en deskundige wijze vast of een student voldoet aan de voorwaarden voor het verkrijgen van een diploma of een certificaat. Zij bewaakt, monitort en analyseert de kwaliteit van de processen die hieraan ten grondslag liggen. De examencommissie borgt in alle fasen van de examinering en diplomering de deskundigheid van de betrokken personen. De examencommissie bewaakt op een cyclische manier haar eigen werkwijze en eigen kwaliteit. Zij geeft betekenis aan de uitkomsten hiervan en acteert hierop. Hierbij betrekt zij eventueel onafhankelijke deskundigen. In voorkomende gevallen worden verbetermaatregelen genomen en wordt toegezien op de realisatie ervan. Hierover wordt jaarlijks verslag gedaan. 

Het afgelopen jaar stond in het teken van fusie-effecten, digitalisering en kwaliteitsborging binnen alle mbo-colleges. Examencommissies werken steeds meer cyclisch en transparant, met jaarplannen, jaarverslagen en tussentijdse evaluaties. Communicatie is structureel georganiseerd via regiehouders en vaste overlegmomenten met de directie, maar verdere versterking van verbindingen, zoals met de teams Onderwijsadvies en Kwaliteit, blijft een aandachtspunt. Deskundigheid wordt geborgd door interne en externe scholing, deelname aan landelijke bijeenkomsten en kalibreersessies. Er is nog nadere behoefte aan kennis over keuzedelen, construeren en vaststellen. Onafhankelijkheid van beoordeling en grip op exameninstrumenten vragen blijvende aandacht, net als het uniformeren van processen en harmonisatie van examenplannen. De examencommissies zijn actief betrokken bij de pilots ten aanzien van de onderwijsontwikkelingen. Steekproeven op diplomadossiers en afname worden structureel uitgevoerd. Zelfevaluaties en interne audits leiden tot verbeteracties, waaronder het opstellen van processenboeken en het versterken van taakverdeling. Overkoepelend is er sprake van groeiend kwaliteitsbewustzijn, samenwerking en een duidelijke scheiding tussen borgen en zorgen, met blijvende aandacht voor transparantie, deskundigheid en innovatie. 

Kwaliteitsaspecten  

Kwaliteit 

Onderbouwing 

Samenstelling examencommissies 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Elke examencommissie is volgens het beleid samengesteld, sinds dit studiejaar ook met het externe lid.    

Deskundigheid examencommissies 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Er zijn diverse deskundigheidsbevorderingen aangeboden voor secretarissen en voorzitters. Daarnaast is er een dag van de examencommissie georganiseerd en zijn er diverse landelijke bijeenkomsten bijgewoond waarna deze informatie actief wordt gedeeld met betrokkenen.  

Functioneren examencommissies 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Het functioneren van de examencommissies is voldoende. De examencommissies zijn bekwaam, weten welke taken uitgevoerd moeten worden. De leden zijn deskundig. De kennis van construeren en vaststellen verdient aandacht.  

Werkzaamheden examencommissies 

O ☒ V ☐ G ☐ 

De examencommissies hebben een hoog verantwoordelijkheidsgevoel en grote taakbewustheid. In diverse examencommissies/mbo-colleges is nog geen processenboek vastgesteld. Daarnaast worstelen leden soms nog met de scheiding tussen borgen en zorgen, die wordt verstrekt doordat een aantal leden nog regiehouder examinering zijn. Ook de borging van keuzedelen en de uitgifte van correcte waardedocumenten met daarbij risico’s als automatisch overgenomen resultaten bij mutaties bemoeilijken de borging voor en door examencommissies.  

Verbeterpunten

  • Harmonisatie van examenplannen en processen Firda-breed.
  • Borging van keuzedelen en exameninstrumenten, inclusief vaststellingsprocedure.
  • Het monitoren van een scholingsplan voor beoordelaars en examencommissieleden.
  • Versterking van de PDCA-cyclus en structurele monitoring van kwaliteitsdoelen. 

Kwaliteit van examineren

De opbouw en inrichting van de afsluiting voldoen aan de eigen vastgestelde kwaliteitseisen voor een betrouwbare diplomering en certificering. Dit sluit aan op de visie op het onderwijs van het team. De examinering is afgestemd op de kwalificatie-eisen ten aanzien van de diplomering. De examinering is valide en betrouwbaar. De afnamecondities en de beoordelingen zijn voor studenten gelijkwaardig. De opleidingen betrekken, waar mogelijk, de beroepspraktijk bij de examinering. 

Het afgelopen jaar stond in het teken van fusie-effecten en digitalisering. De overgang naar nieuwe systemen bracht uitdagingen met zich mee, zoals fouten in resultatenlijsten en vertraging in vaststellingsprocessen. Tegelijkertijd zijn er stappen gezet bij de onderwijsinnovaties. Daarbij is examinering dynamisch en verweven met het onderwijs. Studenten krijgen ruimte om eerder verworven kennis te benutten en er is aandacht voor alternatieve bewijsvoering. De organisatie heeft behoefte aan digitalisering van processen, verdere implementatie en begeleiding van lerend kwalificeren en meer aandacht voor AI. Firda brede risico’s zijn het hebben van grip op keuzedelen, systeemproblemen (EduArte/Educator), en borging van onafhankelijke beoordeling.  

Kwaliteitsaspect 

Kwaliteit 

Conclusie 

Beoordelingen zijn onafhankelijk

O ☒ V ☐ G ☐ 

De mbo-colleges zijn nog in ontwikkeling. Onderwijsteams hebben moeite om de SLB-er niet bij examinering te betrekken. 

Examinering is transparant 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Firda voldoet aan een transparante examinering doordat studenten volledig en tijdig geïnformeerd zijn over de kwalificatie-eisen en examenprocedures, en deze informatie voor alle betrokkenen toegankelijk is.  

Dekking van de kwalificatiedossiers 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Bij het vaststellen van een examenplan controleert de examencommissie of het plan voldoet aan de kwalificatie-eisen. 

Examinering is afgestemd op de kwalificatie-eisen 

O ☐ V ☒ G ☒ 

Bij het vaststellen van een examenplan controleert de examencommissie of het plan voldoet aan de kwalificatie-eisen, of de exameninstrumenten valide en betrouwbaar zijn, en of de afname- en beoordelingscondities transparant en gelijkwaardig zijn. 

Examinering is valide 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Examencommissies constateren op basis van steekproeven en rapporten van interne audits dat opleidingen een goede verhouding hebben tussen theorie, praktijk en de benodigde beroepshouding, waarbij de examinering aansluit.  

Examinering is betrouwbaar 

O ☐ V ☒ G ☐ 

Er is geconstateerd dat er vrijwel altijd voldaan is aan de scholing van een beoordelaar en exameninstrumenten zijn vastgesteld door verantwoordelijke examencommissie. Voor wat betreft de keuzedelen verdient dit nog aandacht. Daarnaast worden steekproeven op dossier en op afname structureel door elke examencommissie uitgevoerd.  

Afname condities en beoordelingen zijn gelijkwaardig 

O ☒ V ☐ G ☐ 

Doordat er is geconstateerd dat nog niet alle onderwijsteams volledig voldoen aan het examenafnamebeleid en er daarnaast nog domeinen zijn waar meerdere examenplannen per opleidingsnummerzijn, wordt hier niet aan voldaan.  

Verbeterpunten

  • Borging van examinering in combinatie met gebruik van AI op basis van nog te ontwikkelen beleid. 
  • Kwaliteitsverbetering van processen door digitalisering en harmonisering van processen.
  • Monitoring en analyses op basis van examenkwaliteit.
  • Verbetering van archivering en informatiebeveiliging volgens AVG en inspectienormen. 

Beleid EVC-rapportages  

In het studiejaar 2024–2025 zijn binnen meerdere examencommissies van Firda EVC-rapportages aangeboden ter beoordeling. Alle betreffende examencommissies hebben hierbij het geldende Firda beleid gevolgd en de rapportages overeenkomstig met het vastgestelde beleid in behandeling genomen. Informatie over de EVC-rapportages is niet opgenomen in de jaarverslagen van de individuele examencommissies. 

Naar aanleiding van de waarschuwingsbrieven van de minister en de door de MBO Raad verstrekte informatie over signalen van diplomafraude in de zorgsector, hebben de examencommissies hun behandelwijze heroverwogen. In het kader van zorgvuldigheid en kwaliteitsborging is besloten de behandelprocedure voor EVC-rapportages aan te scherpen. Vanaf dat moment is de door de MBO Raad geadviseerde werkwijze volledig toegepast binnen Firda. Er zijn bij twee studenten vrijstellingen verleend op grond van de EVC-rapportage. 

Conclusies en aandachtpunten komend jaar

Over het geheel genomen is de kwaliteit van examinering binnen Firda voldoende. De examencommissies functioneren onafhankelijk en deskundig, werken steeds cyclischer en transparanter en voeren structureel steekproeven, zelfevaluaties en (interne) audits uit. Daarmee is de borging van diplomering en certificering in de basis op orde. Daarnaast is er zichtbaar sprake van groeiend kwaliteitsbewustzijn en samenwerking, met aandacht voor innovatie (o.a. lerend kwalificeren en alternatieve bewijsvoering). Ook wordt geacteerd op actuele vraagstukken zoals de validiteit van EVC-rapportages. Tegelijkertijd vragen fusie-effecten en verdere digitalisering blijvende focus om processen Firda breed verder te harmoniseren en risico’s op fouten in systemen en vaststellingsroutes te beperken. Met gerichte vervolgstappen op deskundigheidsbevordering, uniforme werkwijzen en versterking van de PDCA-cyclus is Firda goed gepositioneerd om de betrouwbaarheid en gelijkwaardigheid van examinering verder te verstevigen. 

Een aantal van de genoemde verbeterpunten wordt daar waar nodig binnen de reguliere PDCA-cyclus opgepakt. Het betreft bijvoorbeeld het verbeteren van de onafhankelijkheid van de beoordeling. Dit wordt in de lijn aangestuurd, scholing en ondersteuning van onderwijskundigen is hiervoor beschikbaar. Veel van de genoemde verbeterpunten hebben betrekking op harmonisatie, uniformering en digitalisering van examenprocessen. Het gaat hier om de borging van examenplannen en -instrumenten (inclusief keuzedelen), het robuust inrichten van mutatie- en vaststellingsroutes, afname- en beoordelingscondities. Dit vraagt om Firda brede aandacht, facilitering en sturing. In 2026 is hiervoor een project gestart. Naast de inrichting van de processen is aandacht voor scholing en deskundigheidsbevordering. 

Kwantitatieve gegevens examineren en diplomeren mbo-opleidingen 

Thema

2024-2025 

Aantal opleidingen in totaal aanbod per mbo-college 

721 

Aantal vastgestelde examenplannen 

188 

Aantal geconstrueerde examens 

30 

Aantal vastgestelde examens 

143 

Aantal diploma’s (exclusief Vavo) 

6.944 

Aantal certificaten 

957 

Aantal verzoeken tot vrijstelling  

2.415 aanvragen en 3 mbo-colleges op onderdeel 6031 

Aantal toegekende vrijstellingen  

2.149 in aanvragen + 5.297 onderdelen 

Aantal behandelde klachten 

88 

Aantal onregelmatigheden 

196 

Aantal beroepszaken/COBEX 

Aantal deelnemers dat via EVC is toegelaten 

Aantal aanvragen passend examineren 

1.225 

Aantal toegekende passend examineren (losse eenheden) 

594 + 2 mbo-colleges op hulpmiddelniveau 1906 

Aantal mbo verklaringen uitgereikt
970

4.5Jaarverslag klachten en bezwaren

Firda stelt hoge eisen aan de eigen organisatie. Desondanks kan het voorkomen dat een student of een medewerker ontevreden is of een klacht heeft. Uitgangspunt is dat wanneer een medewerker of student niet tevreden is of een klacht heeft, dit eerst besproken wordt met een betrokken medewerker van Firda. Dit kan een docent zijn, een studieloopbaanbegeleider of een leidinggevende. In dit gesprek kunnen mogelijke fouten hersteld worden of misverstanden rechtgezet. De ervaring leert dat het merendeel van de klachten door dergelijke gesprekken wordt opgelost.

Wanneer dit niet het geval is, kan een beroep worden gedaan op één van de klachtenregelingen van Firda door een klacht, een bezwaar- of een beroepschrift in te dienen. Dat kan bij Firda via Het Loket. Via dit laagdrempelige loket komt de student of medewerker bij de juiste commissie terecht. Het Loket is verantwoordelijk voor het doorzenden van de klacht, het bezwaar of het beroep naar de commissie of het orgaan dat bevoegd is de klacht, het bezwaar of het beroep in behandeling te nemen, dan wel een besluit hierop dient te nemen.

Firda kent voor haar werknemers en studenten de volgende interne klachten- en bezwarencommissies:

Voor medewerkers:

  • Interne commissie arbeidszaken: Deze commissie adviseert over geschillen tussen werkgever en werknemer over o.a. functiewaardering.

Voor studenten:

  • Commissie van Beroep voor de Examens: Deze commissie beoordeelt beroepschriften tegen een besluit van de examencommissie zoals een negatief BSA, een cijfer, afwijzing vrijstelling of herkansing.
  • Geschillenadviescommissie: De geschillenadviescommissie adviseert over geschillen inzake bijvoorbeeld schorsing en verwijdering.

Voor medewerkers en studenten:

  • Algemene klachtencommissie: De algemene klachtencommissie adviseert over klachten die niet voorgelegd kunnen worden aan één van de andere commissies.
  • Klachtencommissie sociale veiligheid: Deze commissie behandelt klachten over agressie, geweld, discriminatie, seksuele intimidatie en ander ongewenst gedrag.
  • Privacycommissie: De privacycommissie adviseert over bezwaarschriften ten aanzien van het gebruik of de bescherming van persoonsgegevens.

De Algemene klachtencommissie, de Klachtencommissie sociale veiligheid en de Interne commissie arbeidszaken bestaan uit een onafhankelijk externe voorzitter en interne leden. Voor de externe voorzitter wordt gebruik gemaakt van een zogenaamde voorzitterspool. Per klacht of bezwaar wordt een voorzitter op basis van beschikbaarheid aangesteld. De Privacy commissie en de Commissie van Beroep voor de Examens bestaan volledig uit interne leden en een interne voorzitter. De leden van de commissie zijn voorgedragen door de mbo-colleges en de ondersteunende diensten. Daarnaast zijn voor de Interne commissie arbeidszaken een aantal leden door de Ondernemingsraad voorgedragen. Ook de externe voorzitters worden deels door de Ondernemingsraad voorgedragen.

Overzicht 2025

  • De Privacycommissie ontving in 2025 geen klachten.
  • De Commissie sociale veiligheid ontving één klacht. Deze klacht werd niet ontvankelijk verklaard.
  • Bij de Algemene Klachtencommissie werden drie klachten ingediend. Eén klacht werd gegrond verklaard, één ongegrond en één klacht werd deels gegrond/ongegrond verklaard.
  • De Commissie van Beroep voor de Examens ontving tien beroepschriften. Eén beroepschrift werd niet ontvankelijk verklaard. Van de resterende beroepschriften werden zeven ongegrond verklaard en twee gegrond.
  • Bij de Geschillenadviescommissie werden vier bezwaarschriften ingediend. Hiervan werd één bezwaar gegrond verklaard en drie ongegrond. Van de ongegronde bezwaren is in één geval door de betrokkene beroep ingesteld bij de Raad van State. Op het moment van verslaglegging is deze zaak nog niet in behandeling genomen.
  • De Interne commissie arbeidszaken ontving twee bezwaarschriften. Eén bezwaarschrift werd ongegrond verklaard en de indiener heeft hierop bezwaar ingediend bij de Stichting Onderwijsgeschillen. Een bezwaarschrift is teruggelegd bij het mbo-college ten behoeve van een minnelijke schikking. Eventuele behandeling van dit bezwaarschrift vindt plaats in 2026.

Klachten

Naast officiële bezwaar- en beroepschriften komen bij Het Loket ook klachten binnen. In 2025 werden 36 klachten ontvangen. Deze klachten zijn grotendeels terugverwezen naar het desbetreffende mbo-college en opgelost. De resterende klachten zijn ingetrokken. 

Klokkenluidersregeling

In de klokkenluidersregeling is vastgelegd hoe Firda omgaat met de melding van (het vermoeden van) een misstand. In 2025 is er geen gebruik gemaakt van deze regeling.


4.6Jaarverslag privacy en informatieveiligheid

De digitale wereld verandert continue en is nodig voor de hoofdtaak, onderwijs geven. Een goede bescherming van persoonsgegevens is hiervoor nodig en vraagt een goede beveiliging van het netwerk en de gegevens.De continue cyberdreiging vraagt een professionele inzet van ICT-medewerkers, om geoefend en getraind te zijn om snel te kunnen optreden bij dreigingen.

De Functionaris gegevensbescherming (FG) informeert, adviseert en controleert of de verwerkingen van persoonsgegevens bij Firda rechtmatig, behoorlijk en transparant zijn. Balans tussen veiligheid en privacy moet worden afgewogen en moet berusten op een wettelijke grondslag. De FG houdt toezicht op deze afwegingen en de zorgvuldige omgang met persoonsgegevens die Firda verwerkt en het optimaal waarborgen van het recht op gegevensbescherming en privacy. Tot slot is de FG de contactpersoon voor de externe toezichthouder, de Autoriteit persoonsgegevens(AP).

Firda heeft aandacht voor nieuwe ontwikkelingen en innovatieve werkwijzen en het optimaliseren van bestaande processen. Voorbeelden hiervan zijn kunstmatige intelligentie (AI), cameratoezicht en ICT-toepassingen in het onderwijs. Dit leidt tot het verwerken van persoonsgegevens van medewerkers en studenten.

Door bewustwording, maatregelen en technologische toepassingen zijn er stappen gezet om Firda tot een weerbare organisatie te maken, waarin bescherming van gegevens en veilige, digitale processen centraal staan. Extra aandacht is er geweest voor een risico gebaseerde aanpak.

De FG brengt jaarlijks een verslag uit aan de verwerkingsverantwoordelijke over de bevindingen omtrent de privacy. Dit jaarverslag is bedoeld voor het College van Bestuur van Firda als verwerkingsverantwoordelijke voor de gegevens die binnen de school verwerkt worden.Dit jaarverslag bevat naast informatie over de privacy ook onderwerpen op het gebied van informatiebeveiliging. Verantwoord omgaan met persoonsgegevens is immers sterk afhankelijk van een goede beveiliging van de gegevens.

Toezicht

De FG vormt zich een beeld van de naleving van wet- en regelgeving op het gebied van  persoonsgegevensbescherming binnen Firda door middel van toezicht, documentanalyse en eigen waarnemingen.Naast het geplande toezicht op basis van het controleplan van de FG, verstrekt de FG ook advies naar aanleiding van incidenten en binnengekomen adviesvragen. De uitvoering van privacy-gerelateerde werkzaamheden, waaronder het behandelen van privacyvraagstukken, het bevorderen van bewustwording op het gebied van informatieveiligheid en privacy en het op orde houden van documentatie, ligt momenteel bij de twee ISO’s (information security officer). Door de toenemende druk op de werkzaamheden rondom informatiebeveiliging bestaat het risico dat privacy minder aandacht krijgt. In sommige gevallen neemt de FG daarom ook uitvoeringstaken op zich, wat echter ten koste gaat van de onafhankelijke toezichthoudende rol van de FG.

Ontwikkelingen

Kunstmatige intelligentie (AI) ontwikkelt zich snel en heeft een grote impact op de samenleving en het onderwijs. Het gebruik van AI biedt kansen voor innovatie, personaliseren en verbeteren van de onderwijskwaliteit, maar brengt tegelijkertijd belangrijke uitdagingen met zich mee op het gebied van privacy, informatiebeveiliging en ethiek.

De Europese AI-verordening (AI-Act) vormt hierbij een belangrijk wettelijk kader. Deze verordening stelt regels voor de ontwikkeling en het gebruik van AI-systemen, met speciale aandacht voor risico’s en de bescherming van grondrechten, waaronder privacy. De AI-Act verplicht aanbieders tot een conformiteitsbeoordeling voordat een AI-systeem op de markt wordt gebracht of gebruikt. Als bij gebruik van AI, persoonsgegevens worden verwerkt valt dit gebruik van AI onder de AVG. Wanneer persoonsgegevens worden verwerkt, is een DPIA een belangrijk middel om privacy risico’s in kaart te brengen. Met de komst van de AI-Act is één van de belangrijkste verplichtingen voor hoog risico AI-systemen het uitvoeren van een FRIA (Fundamental Rights Impact Assessment). Met een FRIA kunnen risico’s van AI-systemen voor fundamentele rechten in kaart worden gebracht. Dit betreft niet alleen privacy, maar bijvoorbeeld ook discriminatie, milieu en andere maatschappelijke effecten.

Binnen Firda vindt regelmatig integraal AI-overleg plaats met medewerkers van educatieve technologie, informatiebeveiliging, functioneel beheerders, informatiemanagement en de FG. In deze overleggen worden kaders, richtlijnen en praktische afspraken ontwikkeld om medewerkers te ondersteunen bij verantwoord gebruik van AI. Dit is noodzakelijk omdat AI-systemen risico’s met zich meebrengen, zoals verlies van menselijke maat, ongewenste monitoring van studenten, risico’s op kansenongelijkheid en onvoldoende toezicht op leveranciers en naleving van regelgeving.

De FG houdt toezicht op de verwerking van persoonsgegevens bij het gebruik van AI en signaleert risico’s maar is niet de toezichthouder voor de AI-ACT. De ontwikkelingen rond AI gaan verder dan alleen privacyvraagstukken en raken ook ethische en organisatorische verantwoordelijkheden. Daarom is het wenselijk om een AI commissie en ethische commissie in te richten. Een AI-commissie kan toetsen of de inzet van AI past binnen het beleid van Firda en wet- en regelgeving, kan FRIA’s beoordelen en bijdragen aan een verantwoorde en transparante toepassing van deze technologie binnen de organisatie. Een ethische commissie kan toetsen of nieuwe technologische projecten ethisch verantwoord zijn. Onafhankelijke experts kunnen beoordelen of inzet van algoritmen of AI binnen de organisatie ethisch verantwoord is.

Binnen onze instelling is daarom gekozen voor een verantwoorde toepassing van generatieve AI, waarbij Copilot wordt gebruikt als AI-oplossing. Hierover zijn door de medewerkers van Educatieve technologie meerdere trainingen gegeven aan medewerkers. Dit draagt bij aan de uit de AI-ACT verplichte AI geletterdheid.

Cameratoezicht

In 2024 is een nieuw camerasysteem in gebruik genomen om eigendommen, studenten en medewerkers beter te beschermen. Vanwege de impact op privacy gelden strikte voorwaarden voor het gebruik ervan. Er is hiervoor in 2025 een reglement cameratoezicht vastgesteld, gebaseerd op het adviesreglement van de MBO Raad.

Het camerareglement moet waarborgen dat gefilmde personen hun privacy-rechten kunnen uitoefenen, zoals inzage en verwijdering van beelden. Camera’s moeten correct worden afgesteld en de inzage en de bewaartermijn van beelden moet beperkt blijven.

Volgens de AVG is een DPIA verplicht om de risico’s in kaart te brengen bij grootschalig en/of systematisch cameratoezicht om diefstal tegen te gaan of mensen te beschermen. Dit is noodzakelijk bij structureel of langere tijd cameratoezicht inzet voor dit doel. Een DPIA voor systematisch cameratoezicht is echter nog niet uitgevoerd, risico’s en maatregelen om de risico’s te mitigeren zijn dan ook nog niet in een DPIA vastgesteld.

Bewustwording

In 2025 zijn de ISO’s bij verschillende teams en bij de introductie voor nieuwe medewerkers aangesloten om aandacht te vragen en uitleg te geven over informatieveiligheid en privacy. Ook neemt één van de ISO’s deel aan de VIA (Verander en Innovatie Adviesgroep). De aanwezigheid van de ISO in deze commissie heeft ervoor gezorgd dat vanaf het begin rekening gehouden wordt met informatieveiligheid en privacy. De bewustwordingssessies worden vaak vanuit een vraag van de organisatie gegeven.

Een tweejaarlijkse cyber-oefening heeft plaatsgevonden, de OZON-(crisis)oefening.Dit is een landelijke oefening waar breed vanuit het onderwijs aan deelgenomen wordt om bewustwording te creëren en lering te trekken uit de oefendoelen.Binnen Firda heeft de oefening onder leiding van de ISO’s plaatsgevonden en is deze uitgevoerd door een grote groep medewerkers. De oefening van 2025 was gericht op functioneren van het crisisplan, het schoolveiligheidsplan en interne- en externe communicatie. Een evaluatie heeft plaatsgevonden om lering te trekken uit de oefening. In 2026 vindt de NOZON (interne table top cyberoefening) plaats.

Datalekken

Meldingen van datalekken die een risico opleveren voor de privacy van betrokkenen worden na  beoordeling door het Incident responseteam (IRT) door de FG gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens(AP) en in sommige gevallen ook aan betrokkenen. Er wordt veel gemeld, maar niet elke melding is een datalek.

Firda heeft een procedure voor het melden van informatiebeveiligingsincidenten en datalekken. Incidenten waaronder datalekken worden altijd gemeld bij de servicedesk en vastgelegd in TopDesk. Datalekken worden eveneens vastgelegd in het datalekregister. Hiervoor is een nieuw format in gebruik genomen die beter aansluit bij het melden van datalekken aan de AP.In 2025 zijn er 3 datalekken geregistreerd waarvan 1 bij de Autoriteit Persoonsgegevens en aan betrokkenen is gemeld. Er hebben in 2025 geen datalekken met grote gevolgen plaatsgevonden.

Verantwoordingsplicht, Register van verwerkingen

De FG heeft als taak toezicht te houden op de opbouw, volledigheid en kwaliteit van het verwerkingsregister. In de huidige situatie houdt de FG het invullen van het verwerkingsregister bij in plaats van dit te beoordelen als onafhankelijke toezichthouder. De oorzaak hiervan is dat binnen de organisatie geen proceseigenaar is aangewezen die verantwoordelijk is voor het beheer en de actualisatie van het verwerkingsregister. Deze werkwijze is niet optimaal, aangezien het zelf bijhouden van het verwerkingsregister door de FG ten koste gaat van de onafhankelijke toezichtrol. Voor een juiste invulling van de verantwoordelijkheden is het wenselijk dat het beheer van het  verwerkingsregister wordt belegd bij een privacy officer zodat de FG de toezichthoudende en controlerende rol onafhankelijk kan uitvoeren.

Verwerkersovereenkomsten

Bij inkopen en nieuwe verwerkingen van persoonsgegevens wordt, naast de hoofdovereenkomst, vaak een verwerkingsovereenkomst afgesloten. Deze verwerkersovereenkomsten worden doorgaans via de strategisch inkoper ter controle voorgelegd aan de FG, waarna de contracteigenaar deze aanbiedt aan het College van Bestuur (CvB) voor ondertekening. De registratie en het beheer van de overeenkomsten verlopen via de contractmanager en worden vastgelegd in AFAS. Dit betreft een heldere, eenvoudige en praktische werkwijze. Vanuit het oogpunt van de onafhankelijke positie van de FG is het echter aan te bevelen de inhoudelijke controle van verwerkersovereenkomsten primair te beleggen bij een privacy officer.

Toezicht door de FG op gearchiveerde documenten is momenteel beperkt, aangezien deze documenten uitsluitend toegankelijk zijn voor de contractmanager, de contractverantwoordelijke en de contracteigenaar. Inzage door de FG vindt plaats via de contractmanager, die de betreffende documenten op verzoek beschikbaar stelt.

Audits en benchmark

Sinds 2025 maakt Firda gebruik van een GRC-applicatie (Governance, Risk & Compliance) voor het identificeren van beveiligingsrisico’s en het bepalen van passende maatregelen. Deze applicatie biedt medewerkers, management en bestuur actueel inzicht in de volwassenheid van informatiebeveiliging en privacy.

In 2025 heeft Deloitte een externe security audit uitgevoerd, waarbij gebruik is gemaakt van gegevens uit de GRC-applicatie. De resultaten zijn ook gebruikt voor de landelijke benchmark van MBO Digitaal en door de ISO’s gepresenteerd aan het College van Bestuur.

De benchmarkresultaten zijn gebaseerd op een combinatie van mbo’s die een selfassessment uitvoeren en mbo’s die een externe audit laten uitvoeren, waardoor onderlinge vergelijking beperkt mogelijk is. De benchmark dient daarom vooral als instrument om de eigen ontwikkeling te volgen ten opzichte van de landelijke trend.

Firda scoorde bij de externe audit 1,9. Tegenover de gemiddelde landelijke score van de mbo’s met externe audits van 1,7. Het gemiddelde van de alle deelnemende mbo’s (inclusief de self-assessments) was 2,2. Het aanleveren van bewijsmateriaal bij externe audits maakt dat deze externe audits een realistischer beeld geven van de volwassenheid dan de self-assessments. De sterkst scorende domeinen bij Firda waren configuratiebeheer en ketenbeheer, terwijl risicobeheer het laagst scoorde.

Voor privacy is een self-assessment uitgevoerd, waarbij onze instelling een score van 2,6 behaalde, boven het landelijke gemiddelde van 2,4.Net als bij informatiebeveiliging zal de sector ook voor privacy de komende jaren geleidelijk overstappen op externe audits.

Advies Informatiebeveiliging en Privacy team (IBP)

Het IBP team wordt dicht betrokken bij diverse ICT-projecten en zorgt dat zowel informatieveiligheid als privacy onder de aandacht blijft. Waar de FG adviesgesprekken voert en toezicht houdt, zijn de ISO’s binnen de organisatie het eerste aanspreekpunt voor de organisatie over informatiebeveiliging en privacy vraagstukken en sluiten ze aan als er sprake is van grote wijzigingen en projecten. Echter komt door toenemende werkzaamheden voor informatieveiligheid de werkzaamheden die de ISO’s t.b.v. privacy uitvoeren in het geding. Om privacy goed in te voeren in de organisatie en scheiding te houden tussen toezicht en uitvoering is het aan te bevelen om een privacy officer te benoemen.

AI

Met de snelle opkomst van AI-systemen vraagt de AI-Act om stapsgewijs acties te nemen om te voldoen aan deze regelgeving. Voor Firda is het belangrijk dat we weten welke AI-systemen we gebruiken en of deze onder een hoog risico AI vallen. Het advies is om onder toezicht door te ontwikkelen maar te zorgen voor borging van de risico’s en gebruikers bewust te maken van de risico’s. Vorm voor advies en toezicht een AI-commissie die toeziet op beleid, wet- en regelgeving. Voor het oprichten van een ethische commissie is het de moeite waard om te kijken of de huidige privacy commissie vervangen kan worden voor een ethische commissie dat nieuwe verwerkingen toetst aan ethische normen en waarden, met als doel de rechten, waardigheid en het welzijn van betrokkenen te beschermen.

Cameratoezicht

De definitieve DPIA voor het camerasysteem, inclusief de koppeling van systemen op het Stadionplein, zou na implementatie in 2025 worden uitgevoerd. De verwerkingsverantwoordelijke directeur is verantwoordelijk voor het (laten) uitvoeren van de DPIA en het uitvoeren van de geadviseerde maatregelen. De ISO kan hierbij ondersteunen, de FG geeft na de uitvoering een advies op de DPIA. Belangrijk is om de DPIA alsnog te laten uitvoeren.

Inrichting IBP team

Benoem naast ISO en FG een privacy officer.

HRM - Dir I&I

AI act

Breng in kaart welke AI-systemen we binnen applicaties gebruiken.

I&I

 

Bepaal of het hoog risico AI betreft en neem passende maatregelen.
Richt AI-commissie in om te toetsen of gewenste AI past binnen het beleid van Firda.
Richt een ethische commissie in die kan toetsen of nieuwe technologische projecten ethisch verantwoord zijn.

CvB

DPIA

Uitvoeren DPIA cameratoezicht

Organisatie met ondersteuning IBP medewerker

 

Voer bij gebruik van persoonsgegevens binnen een AI systeem vooraf een DPIA uit.
Voer bij hoog risico AI een FRIA uit.

Organisatie met ondersteuning IBP medewerker


Reactie van het CvB op de voorgestelde maatregelen door de FG

De FG formuleert een aantal adviezen:

  • Aanstelling van een Privacy Officer;
  •  Uitvoering van een DPIA op cameragebruik;
  • Breng in gebruik zijnde AI-systemen in kaart en richt een ethische AI-commissie in.

De adviezen op gebied van cameratoezicht en AI (systemen en ethische commissie) zijn door het CvB overgenomen en worden opgevolgd. Het advies aangaande de aanstelling van een Privacy Officer wordt niet opgevolgd, aangezien er in het Informatiebeveiliging en Privacy (IBP) team van de dienst ICT & Informatievoorziening voldoende kennis en onafhankelijke positionering aanwezig is.