Spring naar inhoud

Toelichting op de geconsolideerde balans​

Vaste activa

1.1 Immateriële vaste activa

1.1 Immateriële vaste activa 1.1.3 Software 1.1.3 Goodwill Totaal immateriële vaste activa
Aanschafwaarde 01-01-2025 581.840 158.381 740.221
Cumulatieve afschrijvingen 01-01-2025 -556.424 -150.463 -706.887
Boekwaarde 01-01-2025 25.416 7.918 33.334
Investeringen boekjaar 0 0 0
Desinvesteringen aanschafwaarde 0 0 0
Cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen 0 0 0
Afschrijvingen lopend jaar -13.988 -7.918 -21.906
Aanschafwaarde 31-12-2025 581.840 158.381 740.221
Cumulatieve afschrijvingen 31-12-2025 -570.412 -158.381 -728.793
Boekwaarde 31-12-2025 11.428 0 11.428

De goodwill betreft door Firda voor Volwassenen B.V. betaalde goodwill voor overname van activiteiten en klantenbestanden van Maritieme Opleidingen Urk en Kennis Instituut Veiligheid.

1.2 Materiële vaste activa

1.2 Materiële vaste activa 1.2.1 Terreinen 1.2.1 Gebouwen 1.2.2 Inventaris en apparatuur 1.2.4 In uitvoering en vooruit- betaling Totaal materiële vaste activa
Aanschafwaarde 01-01-2025 17.056.517 214.279.094 61.065.580 3.700.991 296.102.182
Cumulatieve afschrijvingen 01-01-2025 -445.212 -112.621.859 -40.050.610 0 -153.117.681
Boekwaarde 01-01-2025 16.611.305 101.657.235 21.014.970 3.700.991 142.984.501
Investeringen boekjaar 233.620 10.104.857 9.172.205 15.240.728 34.751.410
Desinvesteringen aanschafwaarde (*) -6.637 -120.936 -8.545.647 -3.700.991 -12.374.211
Cumulatieve afschrijvingen desinvesteringen (*) 6.637 77.878 8.453.184 0 8.537.699
Afschrijvingen lopend jaar -179.285 -6.857.909 -5.450.934 0 -12.488.128
Aanschafwaarde 31-12-2025 17.283.500 224.263.015 61.692.139 15.240.728 318.479.382
Cumulatieve afschrijvingen 31-12-2025 -617.860 -119.401.890 -37.048.360 0 -157.068.110
Boekwaarde 31-12-2025 16.665.640 104.861.125 24.643.779 15.240.728 161.411.272

1.2.1 Gebouwen en terreinen

In 2025 is er € 10,0 mln. in gebouwen en terreinen geïnvesteerd. 

Hiervan heeft € 6,7 mln. betrekking op grootschalige verbouwing van de locatie Julianalaan in Leeuwarden en € 1,3 mln. op de uitbreiding van de maritieme campus op Urk. 

Daarnaast is geïnvesteerd in verbetering, waaronder herindeling, verduurzaming en modernisering, op de volgende locaties en voor de volgende bedragen:
- € 0,8 mln. voor Saturnusweg en Sportstad in Heerenveen;
- € 0,6 mln. voor Espelerlaan in Emmeloord;
- € 0,6 mln. voor diverse kleinere verbouwingen op andere locaties.

1.2.2 Inventaris en apparatuur

In 2025 is € 9,2 mln. in inventaris en apparatuur geïnvesteerd (2024 € 8,0 mln.). 

Er is € 4,2 mln. besteed aan hard- en software, zoals computers, laptops en smartboards. Verder is € 3,0 mln. besteed aan meubilair en € 1,8 mln. aan leermiddelen, met name voor horeca- en technische opleidingen. Daarnaast is voor € 0,2 mln. aan voertuigen aangeschaft ten behoeve van de opleidingen autotechniek en mobiliteit. 

Er is voor € 8,5 mln. gedesinvesteerd in inventaris en apparatuur (2024: € 1,9 mln.). De piek wordt voor € 7,4 mln. veroorzaakt door een desinvestering op hard- en software, zoals computers, laptops en smartboards waarvan de levensduur is verstreken. Daarnaast is voor € 0,8 mln. aan meubilair en voor € 0,3 mln. aan leermiddelen gedesinvesteerd. Deze middelen zijn ingeruild of naar een goed doel gegaan. 

1.2.4 In uitvoering en vooruitbetaling

In 2025 is € 15,2 mln. in uitvoering en vooruitbetaald. Hiervan heeft € 13,2 mln. betrekking op vooruitbetaalde posten met betrekking tot de grootschalige verbouwing op Wilaarderburen te Leeuwarden. Verder is € 0,8 mln. vooruitbetaald voor nieuwbouw vestiging Drachten en is € 0,6 mln. op inventaris en apparatuur. 

1.2.5 WOZ-waarde en verzekerde waarde

De WOZ-waarde gebouwen en terreinen in bedraagt € 131,5 mln. (2024: € 134,9 mln.). De WOZ-waarde van de gebouwen en terreinen is gebaseerd op peildatum 1 januari 2025, met uitzondering van de panden waarvan de WOZ-waarde nog niet bekend is. Bij deze panden is de waarde op peildatum 1 januari 2024 verantwoord. Deze peildatum is financieel bepalend voor het kalenderjaar 2025. Daarnaast is voor 2024 voor het Stadionplein te Leeuwarden uitgegaan van de verkrijgingsprijs in plaats van de WOZ-waarde, omdat 2024 het jaar van de verkrijging was. De verzekerde waarde gebouwen per 1 januari 2025 bedraagt € 371,2 mln. (2024: € 343,8 mln., excl. verkrijgingsprijs Stadionplein ad € 26 mln.)

Vlottende activa

1.5 Vorderingen

1.5 Vorderingen 31/12/2025 31/12/2024
1.5.1 Debiteuren algemeen 1.646.945 4.022.393
1.5.5 Vorderingen op studenten/deelnemers/cursisten 663.818 805.956
1.5.6 Vorderingen op overige overheden 804.338 730.180
1.5.7 Overige vorderingen 1.272.314 1.327.077
1.5.8 Overlopende activa 2.057.172 1.263.263
1.5.9 Voorziening wegens oninbaarheid -58.000 -259.804
1.5 Totaal vorderingen 6.386.587 7.889.065

De boekwaarde van de opgenomen vorderingen benadert de reële waarde, gegeven het kortlopende karakter van de vorderingen en het feit dat waar nodig voorzieningen voor oninbaarheid zijn gevormd. De vorderingen hebben een looptijd korter dan één jaar.

1.5.1 Debiteuren algemeen

Afname in debiteurensaldo wordt met name veroorzaakt doordat afrekeningen over 2023, in 2024, later zijn gefactureerd. Hierdoor is in 2024 een verschuiving van overige vorderingen naar debiteuren zichtbaar. In 2025 is er tijdig gefactureerd waardoor dit effect in 2025 niet meer zichtbaar is. 

1.5.8 Overlopende activa

De vooruitbetaalde bedragen betreffen facturen welke in 2025 zijn ontvangen maar, al dan niet gedeeltelijk, betrekking hebben op 2026. Dit betreffen onder andere softwarelicenties, verzekeringen, huur- en servicekosten en examengelden. De grootste posten zijn werknemersverzekeringen UWV ad € 0,5 mln., vooruitbetaalde licentiekosten Eduarte ad € 0,5 mln., vooruitbetaalde huur Sportstad Heerenveen ad € 0,5 mln. en vooruitbetaalde contributie Stichting Praktijkleren ad € 0,4 mln. 

1.5.9 Voorziening wegens oninbaarheid

Het verloop van de voorziening wegens oninbaarheid is als volgt:

1.5.9 Voorziening wegens oninbaarheid 31/12/2025 31/12/2024
  Stand per 1 januari -259.804 -296.465
  Onttrekking 207.074 93.041
  Dotatie / vrijval -5.270 -56.380
1.5.9 Stand per 31 december -58.000 -259.804

De voorziening wegens oninbaarheid heeft betrekking op de post debiteuren. Dit betreft met name studenten.

1.7 Liquide middelen

1.7 Liquide middelen 31/12/2025 31/12/2024
1.7.1 Kasmiddelen 240 132
1.7.2 Banken 58.405.034 66.856.035
1.7 Totaal liquide middelen 58.405.274 66.856.167

1.7 Liquide middelen

Bij schatkistbankieren van het Ministerie van Financiën is ultimo 2025 € 58,0 mln. ondergebracht (2024: € 66,5 mln.). Het banksaldo daalt omdat investeringen, waaronder verbouwingen, worden betaald vanuit eigen middelen. 

Verder bestaan de liquide middelen uit kasgelden en het saldo van de lopende rekeningen bij Rabobank, Ayden en Bunq. De liquide middelen staan ter vrije beschikking van Firda met uitzondering van een bankgarantie van € 82.333 in verband met huurverplichtingen.

Passiva

2.1 Eigen vermogen

Ultimo 2025 bedraagt het groepsvermogen € 145,5 mln. (2024: € 145,0 mln.).

Voor een toelichting op het eigen vermogen wordt verwezen naar de enkelvoudige jaarrekening.

2.2 Voorzieningen

2.2 Voorzieningen Stand per 01/01/2025 Dotaties Onttrekkingen Vrijval Oprenting Stand per 31/12/2025 Kortlopend deel (<1 jaar) Langlopend deel (> 1 jaar < 5 jaar) Langlopend deel (> 5 jaar)
2.2.1 Personeelsvoorzieningen                  
  Voorziening wachtgeld 1.241.651 563.268 868.951 0 -5.814 930.154 512.120 415.328 2.706
  Voorziening WGA 5.940.529 1.777.389 115.919 0 0 7.601.999 861.180 2.468.332 4.272.487
  Voorziening duurzame inzetbaarheid 12.125.792 6.250.684 2.098.102 0 155.211 16.433.585 3.007.060 12.517.030 909.495
  Voorziening jubileum 2.002.870 716.414 193.775 307.334 11.660 2.229.835 122.802 585.474 1.459.615
  Voorziening WAB tijdelijk contract 623.741 149.551 111.068 0 0 662.224 635.511 26.713 0
  Voorziening langdurige zieken 1.289.598 514.443 0 0 0 1.804.040 1.558.460 245.580 0
2.2.1 Totaal personeelsvoorzieningen 23.224.182 9.971.748 3.387.815 307.334 161.057 29.661.837 6.697.134 16.258.457 6.644.303
                     
                     

2.2.1 Personeelsvoorzieningen

De personele voorzieningen ultimo 2025 bestaan uit de voorziening wachtgeld, WGA, duurzame inzetbaarheid senioren, jubileum, WAB tijdelijk contract en langdurig zieken.

De wachtgeldvoorziening is opgenomen ten behoeve van de langlopende wachtgeld verplichtingen die voor rekening van de werkgever komen. Ultimo 2025 is deze verplichting opgenomen voor 30 wachtgelders (2024: 35), waarvan de verplichting naar verwachting na 2025 doorloopt. De kortlopende wachtgeldverplichtingen worden direct als periodelast verantwoord. Bij de berekening is rekening gehouden met een jaarlijkse salarisstijging van 3,68% (2024: 3,04%). De voorziening is gewaardeerd tegen contante waarde met als rekenrente 2,97% (10 jaar staatsobligaties Nederland rente op 31-12-2025, 2024: 2,70%).

De WGA voorziening is gevormd vanwege het eigen risicodragerschap voor de WGA en Ziektewet. De onttrekking betreft de kosten voor WGA- en Ziektewetuitkeringen. De WGA kosten komen op grond van de CAO volledig ten laste van de werkgever. De kosten van de WGA’ers worden voorzien op basis van een individuele inschatting van de verwachte arbeidsongeschiktheid en de verwachte looptijd van de WGA-uitkering, met een maximale looptijd van tien jaar. De kosten zijn gebaseerd op bekende WGA'ers (34; 2024: 28) en zieken (93; 2024: 71) op balansdatum en op de verwachte instroom in de WGA en de Ziektewet. 

Duurzame inzetbaarheid senioren:
In de CAO MBO zijn afspraken gemaakt over regelingen in het kader van Duurzame inzetbaarheid voor oudere werknemers. In de CAO MBO betreft dit de regeling seniorenverlof. Daarnaast heeft Firda de generatieregeling opengesteld. Indien medewerkers deelnemen aan deze regelingen bouwen zij rechten op om in de toekomst minder te werken waarbij de kosten daarvan deels voor rekening van de werknemer en deels voor rekening van de werkgever zijn. Voor het werkgeversdeel van de regeling is een voorziening gevormd. 

De verplichtingen uit hoofde van deze regelingen omvatten verplichtingen jegens werknemers die al hebben geopteerd voor gebruikmaking van de regeling, werknemers die kunnen opteren voor gebruikmaking maar dat nog niet hebben gedaan, en werknemers die nog niet kunnen opteren, maar dat tijdens de looptijd van de bestaande regelingen in de toekomst wel kunnen doen.

Vanaf 2019 is een start gemaakt met het inschatten van de kans dat werknemers gebruik gaan maken van de regelingen. De elementen voor de berekening van de voorziening zijn de werknemers op wie de regelingen van toepassing zijn, de geschatte kans dat voor gebruikmaking van de regelingen wordt geopteerd, de blijfkans van de werknemers, de blijfkans van de regeling seniorenverlof, de leeftijden en diensttijdfactor en de salarissen en werkgeverslasten die voor rekening van de werkgever komen. De kans van gebruikmaking van de regeling seniorenverlof is in 2025 opnieuw beoordeeld en daarop aangepast naar 38% voor 57-62 jaar (2024: 37%) en 38% bij 62 jaar en ouder (2024: 28%). 

Per 31 december 2025 maken 222 medewerkers (2024: 206) gebruik van het seniorenverlof. Daarnaast maken 28 medewerkers (2024: 26) gebruik van de generatieregeling. 

Bij de berekening is rekening gehouden met een jaarlijkse salarisstijging van 3,68% (2024: 3,04%). De voorziening is gewaardeerd tegen contante waarde met als rekenrente 2,97% (10 jaar staatsobligaties Nederland rente op 31-12-2025, 2024: 2,70%). 

De jubileumvoorziening heeft betrekking op uitkeringen aan medewerkers op basis van de duur van het dienstverband. De voorziening voor jubileumuitkeringen is bepaald via een berekeningsmodel, waarin rekening gehouden is met de blijfkans van medewerkers en een gemiddelde indexatie van het brutosalaris van 3,68% (2024: 3,04%) en een disconteringsrente van 2,97% (2024: 2,70%). 

Op grond van de Wet Arbeidsmarkt in Balans hebben werknemers met tijdelijke contracten recht op een transitievergoeding bij ontslag vanaf de eerste werkdag. Er is een voorziening gevormd voor contracten die voor balansdatum zijn afgesloten en waarvan de intentie aanwezig is om deze na balansdatum niet te verlengen.

Er is een voorziening langdurig zieken opgenomen voor medewerkers die tussen de 26 en 104 weken ziek zijn, rekening houdend met een revalidatiekans.

2.3 Langlopende schulden

2.3 Langlopende schulden Stand 01/01/2025 > 1 jaar Reclassificatie naar de kortlopende schulden Stand 31/12/2025 > 1 jaar Looptijd > 1 jaar en < 5 jaar Looptijd > 5 jaar
2.3.3 Kredietinstellingen 1.905.797 363.024 1.542.773 1.452.096 90.677
2.3 Totaal langlopende schulden 1.905.797 363.024 1.542.773 1.452.096 90.677

Onder kredietinstellingen is een lening van de Rabobank opgenomen voor de financiering van gebouwen en terreinen. De jaarlijkse rente en aflossing worden betaald uit de jaarlijkse huisvestingvergoeding. 

De oorspronkelijke hoofdsom van de resterende lening bedraagt € 9 mln. Ultimo boekjaar bedraagt de totale schuld aan Rabobank € 1,9 mln. (2024: € 2,3 mln.). Hiervan is het bedrag waarvoor de looptijd korter dan één jaar is (€ 363.024), opgenomen onder de kortlopende schulden aan kredietinstellingen (2.4.1), dit betreft het deel dat een verplichting aflossing kent. Het overige deel is aflossingsvrij tot einde looptijd. De rente van de lening is vast gedurende de looptijd. De rentevoet van de resterende lening bedraagt 1,8% over een deel van € 1,2 mln. en 2,1% over een deel van € 0,4 mln. De reële waarde benadert de boekwaarde. 

Als zekerheid voor de afgesloten leningen geldt een garantie door de Stichting Waarborgfonds MBO zoals omschreven in de niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen.

2.4 Kortlopende schulden

2.4 Kortlopende schulden 31/12/2025 31/12/2024
2.4.1 Kredietinstellingen 363.024 363.024
2.4.2 Vooruitgefactureerde en -ontvangen termijnen onderhanden projecten 0 2.115.006
2.4.3 Crediteuren 7.399.831 5.975.934
2.4.4 Vooruitontvangen subsidies niet geoormerkt 8.238.076 8.622.479
2.4.7 Belastingen en premies sociale verzekeringen    
  Loonheffing 9.253.020 8.453.623
  Omzetbelasting 32.179 -26.974
  Vennootschapsbelasting 0 45.423
2.4.7 Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen 9.285.199 8.472.072
2.4.8 Schulden terzake van pensioenen 2.467.248 2.354.245
2.4.10 Overlopende passiva    
  Vooruitontvangen college-, cursus- en lesgelden 1.039.778 1.139.912
  Vooruitontvangen subsidies geoormerkt 5.849.655 4.946.121
  Vooruitontvangen investeringssubsidies 2.537.583 2.155.843
  Vooruitontvangen gelden Firda voor Volwassenen 1.926.465 0
  Vakantiegeld en -dagen 8.856.785 8.754.373
  Overige overlopende passiva 1.626.614 2.793.256
2.4.10 Totaal overlopende passiva 21.836.880 19.789.506
2.4 Totaal kortlopende schulden 49.590.258 47.692.265

2.4.1 Kredietinstellingen

Het saldo onder kredietinstellingen betreft de aflossingsverplichtingen van de langlopende leningen in het jaar na balansdatum.

2.4.3 Crediteuren

Het crediteurensaldo is gestegen met € 1,4 mln. door in rekening gebrachte huisvestingslasten van bouw- en installatiebedrijven laat in het jaar.

2.4.10 Overlopende passiva

De schulden aan kredietinstellingen zijn gedaald als gevolg van aflossingen van leningen. Zie 2.3. langlopende schulden voor een nadere toelichting. 

De schuld loonheffingen betreft de aangifte december 2025 ad € 9,3 mln. (2024: € 8,5 mln.). Dit wordt veroorzaakt door hogere lonen. 

De rubriek vooruitontvangen college-, cursus- en lesgelden opgenomen is opgenomen voor € 1,0 mln. (2024: € 1,1 mln.) Dit betreft de cursusgelden welke in 2025 zijn ontvangen voor het collegejaar 2025-2026. Het deel wat betrekking heeft op 2026 is in de balans opgenomen. 

De geoormerkte vooruitontvangen subsidies van OCW betreffen de geoormerkte subsidies die ontvangen zijn van OCW, maar in een volgend jaar worden ingezet. In model G op de volgende pagina is een overzicht van de betreffende subsidies opgenomen.

In 2025 is de post vooruitontvangen subsidies OCW toegenomen met € 0,9 mln, waarbij de grootste toenames zijn: € 1,3 mln. Firda Doet MDT (Maatschappelijk Diensttijd), € 0,9 mln. VABOK (versterking aansluiting beroepskolom) en € 0,8 mln. en LLO (Levenlang ontwikkelen). De grootste afnames betreffen € 1,0 mln. op VSV (voortijdig schoolverlaters) en € 0,4 mln. RIF (Regionaal Investeringsfonds). 

De vooruitontvangen investeringssubsidies betreffen subsidies voor materiële activa, zoals gebouwen. De jaarlijkse vrijval ten gunste van het resultaat verloopt evenredig met de afschrijvingen van de betreffende activa.

In 2025 is er een post vooruitontvangen gelden Firda voor Volwassenen opgenomen. Tot 2024 werd deze verantwoord onder 2.4.2. Vooruitgefactureerde en -ontvangen termijnen onderhanden projecten.

De schuld vakantiegeld- en dagen is licht gestegen naar € 8,9 mln. (2024: € 8,8 mln.). Het verlofsaldo is licht gedaald, maar de loonkosten zijn gestegen. Dit betreft stafpersoneel (ofwel niet onderwijsgevend personeel).

Financiële instrumenten:

Firda maakt gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de organisatie blootstelt aan markt- , rente-, kasstroom-, krediet- en liquiditeitsrisico. Om deze risico’s te beheersen heeft de organisatie een beleid inclusief een stelsel van limieten en procedures opgesteld om de risico’s van onvoorspelbare ongunstige ontwikkelingen op de financiële markten en daarmee de financiële prestatie van de organisatie te beperken. De organisatie zet geen afgeleide financiële instrumenten in om risico’s te beheersen en maakt geen gebruik van derivaten.

Kredietrisico:
De vorderingen uit hoofde van debiteuren zijn getoetst op inbaarheid en voor zover nodig geacht voorzien. Voor de kredietrisico’s inzake de overige vorderingen wordt verwezen naar financiële vaste activa en vorderingen.

Renterisico:
Het renterisico is beperkt tot eventuele veranderingen in de marktwaarde van opgenomen en uitgegeven leningen. Bij deze leningen is sprake van een vast rentepercentage over de gehele looptijd. De leningen worden aangehouden tot einde van de looptijd. De organisatie heeft derhalve als beleid om geen afgeleide financiële instrumenten te gebruiken om (tussentijdse) rentefluctuaties te beheersen.

Liquiditeitsrisico:
De organisatie loopt geen significante liquiditeitsrisico’s. Er geldt een Treasurystatuut voor het mitigeren van de liquiditeitsrisico’s. Firda heeft een goede financiële positie met voldoende eigen vermogen en liquide middelen.

Model G Verantwoording subsidies

G1. Subsidies waarbij het eventueel niet aangewende deel van de subsidie, mits de activiteiten volledig zijn uitgevoerd, kan worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt

         
        De activiteiten zijn ultimo verslagjaar conform de subsidiebeschikking geheel uitgevoerd en afgerond
       
  Toewijzing  
Omschrijving Kenmerk Datum   Status
Subsidie studieverlof BVE 2024 1414332 20-08-2024   ja
Subsidie studieverlof BVE 2024 1416715 20-09-2024   ja
Subsidie studieverlof BVE 2024 1418753 22-10-2024   ja
Subsidie studieverlof BVE 2024 1445253 20-11-2024   ja
Subsidie studieverlof BVE 2024 1447316 19-12-2024   ja
Subsidie studieverlof BVE 2025 1474679 20-06-2025   onderhanden
Subsidie studieverlof BVE 2025 1480839 20-08-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2023 100004979 20-04-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100006954 22-05-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100007007 20-06-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100007052 20-07-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100007724 22-08-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100008930 21-11-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2023 100011235 19-12-2023   ja
Subsidie zij-instroom 2024 100012681 20-02-2024   ja
Subsidie zij-instroom 2024 100015394 20-03-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2024 100016058 22-04-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2024 100016797 21-05-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2024 100016872 20-06-2024   ja
Subsidie zij-instroom 2024 100016908 22-07-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2024 100018090 20-11-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2024 100021683 19-12-2024   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100025687 20-03-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100026564 22-04-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100027287 20-05-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100027856 20-08-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100029219 20-11-2025   onderhanden
Subsidie zij-instroom 2025 100033440 19-12-2025   onderhanden
Subsidie studieverlof instructeurs 2024 100016948 20-08-2024   ja
Subsidie studieverlof instructeurs 2024 100018010 20-11-2024   ja
Subsidie studieverlof instructeurs 2024 100021659 19-12-2024   ja
Subsidie studieverlof instructeurs 2025 100027832 20-08-2025   onderhanden
Subsidie studieverlof instructeurs 2025 100028730 22-09-2025   onderhanden
Nazorg mbo 2022-2025 NMBO24019 28-02-2024   ja
Versterking aansluiting beroepsonderwijskolom VABOK230017 11-12-2023   onderhanden
Versterking aansluiting beroepsonderwijskolom VABOK230018 11-12-2023   onderhanden
Versterking aansluiting beroepsonderwijskolom VABOK24R2026 07-11-2024   onderhanden
Versterking aansluiting beroepsonderwijskolom VABOK250010 29-08-2025   onderhanden
LLO-oplossingen energie- en grondstoffentransitie (bouwsteen 2) LLOO-K240008 28-08-2024   onderhanden

G2. Verantwoording van subsidies met verrekeningsclausule

G2a. Subsidies die uitsluitend mogen worden aangewend voor het doel waarvoor de subsidie is verstrekt aflopend per ultimo verslagjaar

Model G: Verantwoording subsidies                              
                               
G2A. Aflopend ultimo verslagjaar                              
                       
  Toewijzing Bedrag   Ontvangen t/m   Totale subsidiabele kosten t/m   Saldo per 1 januari   Ontvangen in   Subsidiabele kosten in   te verrekenen per 31 december
Omschrijving Kenmerk Datum toewijzing   vorig verslagjaar   vorig verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar
                 
Regionale aanpak voortijdig schoolverlaters 2020-2024 OND/ODB-2020/3430 M 11-09-2020 1.436.052   2.036.052 *1 1.879.913   156.139   0   156.117   22
Regionale aanpak voortijdig schoolverlaters 2020-2024 OND/ODB-2020/3431 M 11-09-2020 477.172   477.172   476.656   516   0   0   516
Regionale aanpak voortijdig schoolverlaters 2020-2024 OND/ODB-2020/3432 M 11-09-2020 1.087.368   1.087.368   1.055.798   31.570   0   31.570   0
Verlenging Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 2020-2024 POR/202410/000039 14-11-2024 119.293   119.293   0   119.293   0   119.812   -519
Verlenging Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 2020-2024 POR/202410/000039 14-11-2024 509.013   509.013   62.500   446.513   0   446.560   -47
Verlenging Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 2020-2024 POR/202410/000039 14-11-2024 271.842   271.842   0   271.842   0   271.853   -11
Aanvullende subsidie Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 1 aug-31 dec 2025 POR/202503/000020 29-04-2025 211.061   0   0   0   211.061   211.013   48
Aanvullende subsidie Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 1 aug-31 dec 2025 POR/202503/000020 29-04-2025 49.465   0   0   0   49.465   49.465   0
Aanvullende subsidie Regionaal Programma Voortijdig Schoolverlaten 1 aug-31 dec 2025 POR/202503/000020 29-04-2025 112.719   0   0   0   112.719   112.719   0
RIF Media Innovatie Campus RIF20022 14-10-2020 1.403.118   1.403.118   1.181.119    222.000    -   221.585   415
  Totaal G2A   5.677.103   5.903.858   4.655.986   1.247.873   373.245   1.620.694   424
                               
                               
                               
                               
*1                              
Waarom is het ontvangen bedrag hoger dan de beschikking? De beschikking is exclusief het bedrag voor de Fierschool ad € 150k per kalenderjaar.                              
In het ontvangen bedrag zit dit bedrag wel verwerkt. De totale beschikking zou dan moeten zijn;   1.436.052                          
    600.000                          
    2.036.052                  

G2b. Subsidies die uitsluitend mogen worden aangewend voor het doel waarvoor de subsidie is verstrekt doorlopend tot in een volgend verslagjaar

  Toewijzing Bedrag   Ontvangen t/m   Totale subsidiabele kosten t/m   Saldo per 1 januari   Ontvangen in   Subsidiabele kosten in   te verrekenen per 31 december
Omschrijving Kenmerk Datum toewijzing   vorig verslagjaar   vorig verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar   verslagjaar
                 
Practoraat Friese taal en geletterheid in de meertalige context MBO 560193583 12-11-2024 2.500.000   213.867   44.500    169.367    566.467   371.147   364.687
Vernieuwingsimpuls Visserijonderwijs SKI/90004592 17-12-2024 960.000   92.500   8.416    84.084    155.000   76.345   162.739
Firda DOET MDT MDT250064 19-12-2025 2.161.557   -   -    -    1.296.934   -   1.296.934
LLO BS2 - De Biobase LLOO-G240022 01-05-2025 1.900.228   -   -    -    829.766   101.281   728.485
VIVO Nationaal Netwerk Practoraten - VOP kavel 1 DGNV/98093616 16-05-2025 584.950   -   -    -    93.592   80.295   13.298
RIF Gastvrij Fryslân RIF22002 08-06-2022 1.262.307   946.730   785.150    161.580    252.461   443.261   -29.220
  Totaal G2B   9.369.042   1.253.096   838.066   415.030   3.194.221   1.072.328   2.536.923

Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen

Waarborgfonds MBO

Firda is aangesloten bij de stichting Waarborgfonds MBO. Het waarborgfonds stelt zich borg ten gunste van geldgevers van geldleningen die voor huisvesting worden verstrekt aan bve-instellingen. Het borgen heeft veelal een rentevoordeel tot gevolg. Ultimo 2025 heeft Firda één lening bij het fonds geborgd.

Elke aangesloten instelling kan jaarlijks aangesproken worden tot maximaal 2% van de rijksbijdrage. Dit kan geschieden indien individuele instellingen hun financiële verplichtingen voor geborgde leningen niet meer kunnen voldoen. De maximaal latente claim bedraagt voor Firda jaarlijks circa € 5,0 mln. (2024: € 4,7 mln.).

Huurverplichtingen

De huurverplichtingen die Firda op balansdatum heeft en die een meerjarige looptijd hebben, zijn als volgt: € 4,0 mln. huurverplichting in 2026, € 12,5 mln. huurverplichting met een looptijd langer dan een jaar en korter dan vijf jaar € 2,2 mln. huurverplichtingen met een looptijd langer dan vijf jaar. Ten opzichte van voorgaand jaar is de huurverplichting gestegen omdat de huurcontracten Heerenveen (Sportstad) zijn verlengd tot 2031. Ook de huur van de locatie Neushoorn te Leeuwarden is verlengd tot 2030. 

De huurverplichtingen >€ 1,0 mln. staan hieronder toegelicht en bestaan uit:

- € 12,6 mln. voor de locatie Sportstad te Heerenveen, huurperiode tot 30 juni 2031;
- € 2,8 mln. voor de locatie Nij Smellinge te Drachten, huurperiode tot 30 oktober 2037, met opt-out optie; 
- € 1,2 mln. voor de locatie Neushoorn te Leeuwarden, huurperiode tot 31 juli 2030;

Overige operational leaseverplichtingen

Voor 16 auto's zijn operational leasecontracten afgesloten. De leaseverplichting in 2026 bedraagt € 140.278 en de verplichtingen over de periode 2027 t/m 2030 bedragen € 147.491. Er zijn geen leaseverplichtingen na 2030. 

Overige contractuele verplichtingen

Overige contractuele verplichtingen bestaan uit:

- Onderhoud huisvesting € 16,8 mln. in 2026 en € 18,6 mln in 2027-2031;
- Schoonmaakcontracten € 3,8 mln. in 2026;
- Software € 5,3 mln. in 2026, € 6,4 mln. in 2027-2031 en € 3,4 mln. na 2031;
- Energielevering € 1,7 mln. in 2026 en € 3,6 mln. in 2027-2031;
- Catering € 1,3 mln. in 2026;
- Verzekeringen € 0,4 mln. in 2026;
- Lease van machines € 0,4 mln. in 2026.

Het contract dat na 2031 doorloopt, tot 1 augustus 2033, betreft het contract met Eduarte.